Jan Hoogsteyns

Landschap - gesigneerd rechtsonder "J. Hoogsteyns" - 50 x 60 cm - olieverf op doek - keurige zilver- en zandkleurige lijst - aan achterzijde adresgegevens en diverse tentoonstellingsstickers, wooronder St. Truiden 1998. De kleuren van dit schilderij zijn in het echt nog iets zachter (moeilijk te fotograferen...)

€ 500

Jan Hoogsteynes (1935 - Beverlo)  Werkzaam in Paal (Beringen - Vlaanderen). Hoogsteyns werkte van 1957 tot 1986 in het onderwijs. Als kunstschilder is hij autodidact. Hij schildert hoofdzakelijk figuren, stillevens en landschappen. In 1953 debuteerde hij met eerder donkere werken, maar na een verblijf in Parijs, in 1954, veranderde zijn palet naar felle contrasterende kleuren. In 1956 behaalde hij op de "Limburgse Dag" de Eerste Prijs. De felle kleuren maakten geleidelijk plaats voor grijze tinten. Daarna, omstreeks 1965, veranderde zijn coloriet naar donkere antracietkleuren. Ondertussen had hij individuele exposities in onder andere Gent, Brussel, Antwerpen, Delft, Rotterdam, Hilversum, Düren, Düsseldorf, Krefeld en in 1968 in Parijs. Eind jaren zestig evolueerde zijn werk naar een intimistische kunst met harmonische tonen, tinten en schakeringen en ontwikkelde hij een eigen stijl. Vanaf 1970 volgde een reeks individuele tentoonstellingen in binnen- en buitenland onder andere in Londen, Sevenoaks, Lichfield, Brighton, Tunbridge Wells, Den Haag, Wassenaar, Gent, Charleroi en Antwerpen. Jan Hoogsteyns nam in de loop der jaren ook deel aan tal van groepsexposities in meerdere Europese landen, de USA en Mexico. Bron: Wikipedia

De volstrekt eigen persoonlijkheid van Jan Hoogsteyns vind ik op een drievoudig vlak: hij schept een eigen landschap, hij beschikt over een heel eigen kleurvoering (en schilderen is toch 'kleur bekennen') en hij poëtiseert wat hij ziet en ervaart en schildert. (...) Hij schildert niet of niet allereerst en allermeest wat hij ziet, zintuigelijk, maar wat hij wil laten zien. Dat is de indruk namelijk die het landschap op hem maakt. Het is broos en efemeer, alsof het op de een of andere manier op een minuut kan veranderen of verdwijnen. En het is heel stil: geluiden en bewegingen komen later of wellicht nooit. (...) Hij schildert met zachte, harmonieuze kleuren, met tonen en tinten, met schakeringen en tonaliteiten. Maar hoe langer en aandachtiger men toekijkt, hoe meer 'kleur' men zal zien. Wat aanvankelijk de indruk geeft grijs, zilvergrijs te zijn, blijkt vol schemeringen van blauw en rose te zitten, vol zwemen van groen en geel. Zijn palet is nooit doof of dof, het krijgt licht van binnen uit. Zelfs zijn pastelkleuren blozen en zijn beige is nooit alleen maar grijsachtig geel. (...) Tenslotte is er de poëtische sfeer van zijn werk. (...) Hij roept meer op dan hij toont of registreert. (...) Jan Hoogsteyns dringt zijn wereld niet aan ons op, hij nodigt ons uit, hij laat ons binnen in die wereld. Hij leert ons kijken, niet alleen naar wat er staat, maar vooral naar hoe en waarom het er zo staat. Wij kijken samen met hem, en eigenlijk nooit naar de dag van heden, maar naar het land achter de rug of het land in de verte. Bron: Anton van Wilderode in de "Inleiding tot het werk van Jan Hoogsteyns naar aanleiding van de tentoonstelling in Galerij 'T Poortje te Haasdonk op 23.10.1981"